Verjaardagsfeestje

21 april 2010

De wekker ging om kwart voor zes. Ik had geen tijd om te blijven liggen. Ik moest immers nog extra krullen in mijn haar draaien, omdat ik vandaag de moeder zou zijn van twee roodharige krullebollen. Nog half slapend ging ik naar buiten. Het begon net licht te worden, en ik moest denken aan de keren dat ik rond deze tijd terugkeerde van feestjes en hoe mooi de aanbrekende dag dan was. Op het pleintje achter mijn huis lag een zwerver te slapen achter een plantenbak. Het was ijzig koud, je kon wel merken dat het alweer bijna winter was. (Sinds een vakantie in Thailand is mijn gevoel voor de seizoenen enigszins verstoord.) Ik deed extra zacht met het slot van mijn fiets, om de zwerver niet wakker te maken.
Rond zeven uur arriveerde ik op de set, waar buiten een paar moeders, kinderen en crewleden kleumend hun krentebollen aten of verse cappuccino dronken. Twee van de moeders waren vriendinnen van me – ik vertelde al eerder over het enorme aantal bijrollen en lage budget waar we mee kampen. Hun peuters verheugden zich erg op hun eerste filmrol.
Niet veel later zaten we met z’n allen op het verjaardagsfeestje van Jelka van Houten en ontbeten met olijven en nootjes die we wegspoelden met witte wijn (dat druivensap bleek te zijn). Ik had de regisseur gevraagd me een beetje weg te moffelen in een hoek, want een scenarist die voortdurend in beeld was, dat leek me toch wat vreemd. Naast mij zat een kind dat vroeg wie haar moeder was. ‘Dat weet ik niet,’ zei ik. ‘Jouw moeder is net even naar de wc,’ zei de opnameleider. Het meisje keek beteuterd. ‘Wil jij niet mijn moeder zijn?’ vroeg ze aan mij. Ik keek naar mijn roodharige kinderen, die verderop in de kamer een toren van plastic bekertjes bouwden. ‘Oké,’ zei ik. ‘Maar niet tegen mijn kinderen zeggen, hoor.’